Verrasende Azoren

Aankomst Faial

De 21e dag. "Wakker worden, we zijn er". Ik steek m'n kop door het luik en zie witte huisjes met rode daken en kerkjes met een zwart-witte barokke gevel tegen een groene lappendeken. Wat mooi! En wat is het hier groen! Het dorpje slaapt nog, evenals de havenmeester. Binnen de beschutting van 2 grote havenpieren binden we de zeilen op en laten het anker vallen. Onder het genot van een verse kop koffie nemen we het decor nog eens goed in ons op. Nu de zon op is zijn de kleuren, vooral de groene, nog indringender.

Op de kant staat iemand te zwaaien. Het is Jan, Harry's broer die hier nog een paar daagjes met vakantie is. We krijgen een plekje toegewezen in de marina, langzij een andere boot. We kunnen ons niet meer herinneren wanneer we voor het laatst in een marina hebben gelegen, en al helemaal niet langzij een andere boot. Dat is in Amerika ondenkbaar. Er heerst een vrolijke uitgelaten sfeer. Horta is een kruispunt in de Atlantische oceaan, waar zeilers uit alle werelddelen elkaar ontmoeten. Voor velen is dit het eindpunt na een rondje Carieb, voor een enkeling het beginpunt van een langere reis. Maar er zijn ook veel boten die de Azoren aanlopen als bestemming van een zomervakantie. Het is leuk om langs de wereldberoemde kade vol muurschilderingen te slenteren en telkens weer namen van boten te ontdekken waarvan we gehoord hebben of die we onderweg ontmoet hebben. Aan de overkant hebben we uitzicht op de klassieke vulkaan Pico Alto op het buureiland Pico, die op dit moment even helemaal uit de wolken is. De warme douche en het koude pilsje op het terras zijn zalig. We worden er een beetje rozig van. In een soort trance en nog een beetje wiebelig op onze benen, lopen we achter Jan aan, die ons al bijpratend over het wel en wee in Nederland, het stadje en nog meer terrasjes laat zien.
De dagen erna combineren we "werk" met vakantievieren. De genua en de spatzeilen gaan naar de zeilmaker, de boot wordt van binnen en buiten ontzilt en er worden nieuwe verbindingsschakels voor de stuurautomaat besteld. Per scooter verkennen we de rest van het eiland. De Azoren zijn vulkanisch van oorsprong en is ontstaan toen Amerika en Europa van elkaar afgescheurd werden. Het zijn eigenlijk toppen van een onderwatergebergte die boven water uitsteken. Aan de dieptelijnen op de zeekaarten is dat heel goed te zien. De eilanden zijn continue in beweging. De meest westelijke eilanden Flores en Corvo liggen op de Amerikaanse tectonische plaat en verwijderen zich telkens een klein beetje van de rest. De eilanden in het midden en oosten daarentegen, liggen op hun eigen micro tectonische plaat ingeklemd tussen de twee continentale platen en worden telkens een beetje omhoog gedrukt. Deze micro plaat is zeer actief. De jongste vulkaan, Capelinhos op Faial, is ontstaan in 1958. Bij die uitbarsting vielen 8 doden. Na de hele weg door lieflijke groene akkers en weiden, afgezet met muurtjes en uitbundige bermen hortensias, gereden te hebben, doet Capelinhos aan als een bizar maanlandschap. Er zijn diverse wandelpaden uitgezet over de woeste vulkaantoppen waar zeldzame vogelsoorten broeden en voor de kust zijn natuurlijke poelen ontstaan waar je heerlijk beschut kunt zwemmen of van de rotsen duiken.
Na twee weken Faial zeilen we via een korte stop op Sao George naar het eiland Terceira. Sao George met z'n massieve body met daarboven tientallen vulkanische toppen, lijkt vanaf zee op een grote draak. We blijven er maar kort omdat er goede wind staat om verder te zeilen en we enigszins "haast" hebben omdat we in Terceira vrienden aan boord krijgen. Maar hier komen we nog wel terug. Goede wind is hier een relatief begrip. Volgens de weerkaarten zou het 15-20 knopen moeten waaien, maar in de windschaduw achter het eiland valt de wind vaak weg om vervolgens onaangekondigd met venijnige vlagen terug te komen. We zeilen langs ruige steile rotswanden waar watervallen vanaf komen. Daarboven bevinden zich groene heuvels met witte dorpjes en grazende koeien. Ook hier is het landschap weer gestructureerd door muurtjes van opgestapelde lavastenen en bloeiende hortensias. Eenmaal voorbij de noordelijke punt staat er weer een constante straffe bries. Het is helder weer. We kunnen zowel Faial, Pico, Graciosa als Terceira zien. De vaart zit er goed in. Ruim voor zonsondergang liggen we in de marina van Angra do Heroismo, midden in het historische stadscentrum met uitzicht op forten, kerken en een cathedraal. Op loopafstand van winkels, terrasjes, restaurants en ijssalon.

Pompen of verzuipen

Vlak voordat we de stad in willen gaan, worden we aangesproken door Henk en Marja, kersverse vertrekkers die onze boot herkennen van de website en met wie we wel eens gecorrespondeerd hebben. We blijven een tijdje staan praten en als we dan alsnog de kant op willen gaan, hoor ik Harry vloeken: "water!! Goed mis!!" We tillen de vloerluiken op en zien dat alle bilges onder gelopen zijn, ook die waar de accuus staan. Harry sluit snel de afsluiters onder het aanrecht en ontdekt meteen het euvel: de afvoer van de spoelbak ligt los en is gaan hevelen. Waarschijnlijk losgewrikt tijdens de heftige bewegingen tijdens de overstek. Dit had dus ook onderweg kunnen gebeuren! De extra "heavy duty" electrische bilgepomp, die we vorig jaar nog hebben aangeschaft en onlangs nog haddden getest, doet het niet!! Voor dit soort situaties hebben we een mobiele reserve electrische pomp met een heel lang snoer die we overal in de boot kunnen inzetten. Deze doet het gelukkig wel. Met de handpomp erbij plus hozen met een emmer, duurt het nog zeker een uur voordat alle water weg is. Wat een vieze zooi! Onder in de diepe bilgeput zit altijd een beetje diesel en olie, resten van het filterverwisselen. Twee grote "hermetisch afgesloten" plastic boxen met gereedschap, oa de boormachine en slijptol, zitten vol water. Alles stinkt en is vet. Ook wij zelf en alles wat we met onze vieze handen aanraken, zoals de kussens en het teaken brugdek. We horen onze buren klagen dat het naar diesel stinkt en voelen ons schuldig dat we deze mooie schone haven vervuilen. Tot 's avonds laat en ook de volgende ochtend nog, zijn we bezig met schoonmaken en testen of alles het nog doet. Wat een geluk dat we niet meteen van boord zijn gegaan!

Vulkanische activiteiten op Terceira

Onze vrienden Bert en Marjolein uit Nederland zijn gearriveerd met rugzakken vol boeken, tijdschriften, kaas, drop en drank. Het welkomsfeestje gaat door tot in de diepe uurtjes, maar onze nieuwe buurman klaagt niet. Buurman Bas van de Agaath is nl zojuist de Atlantische oceaan overgestoken vanuit New York en was naar eigen zeggen in diepe coma. Ja, ja, Bas, geef die oceaan maar de schuld. Als de poes van huis is..... Anderdaags gaan we met de auto op excursie. Helaas, het weer werkt niet mee waardoor we bij een aantal miradouros niet veel meer zien dan mist. Of zou het de drank van gisteren zijn? Na een bezoek aan de panadaria zijn zowel onze hoofden als het weer opgeklaard en gaan we een aantal vulkanische verschijnselen aan een nader onderzoek onderwerpen.

We beginnen bij lavagrot Algar do Carvao, wat letterlijk "kolenmijn" betekent. Dit is geen traditionele grot met stalagtieten en -mieten maar een vulkaanpijp. Wat is nu weer een vulkaanpijp? Dat is in feite de mond van een uitgedoofde vulkaan, de holte die ontstaan is nadat de vulkaan uitgespuwd was. Via een stijle trap van 220 treden daal je 100m de diepte in. Nog niet zo lang geleden kon je er alleen maar komen door in de nauwe holte met touwen ab-te-seilen. Beneden heb je een mooi zicht op de opening naar buiten. Op de bodem ga je via een zijgang naar een perfecte koepelvormige holte met allerlei gekleurd gesteente. Nog verder naar beneden is een ondergronds kratermeer. Heel bijzonder.

En daarna weer 220 trappen omhoog.....

In de directe omgeving van deze lavagrot ligt een fumarollenveld, een gebied waar stinkend hete zwaveldampen uit de grond opstijgen. Er tussendoor zijn wandelpaden en uitkijkplatforms aangelegd die je maar beter niet kunt verlaten. Onze volgende grot is eigenlijk geen grot maar een 700m lange lavatunnel die ontstaan is onder een lavastroom. Dat idee is eerlijk gezegd interessanter dan de tunnel zelf. Er staan her en der wel bordjes die tekst en uitleg geven over lavasoorten en vloeirichtingen enzo, maar dat boeit niet zo. Om onze toch al pijnlijke hoofden te beschermen, krijgen we een helmpje en dat leidt af. Het eerste stuk van de tunnel is relatief breed en hoog genoeg om rechtop te lopen. Hier lopen we over zgn touwlava. Daarna wordt het avontuurlijker. We gaan een zijtunnel in die steeds nauwer en lager wordt. Ook is er geen mooi pad meer. Omdat we op moet letten waar we onze voeten neerzetten tussen de scherpe lavastenen, knallen we met enige regelmaat met ons hoofd tegen het plafond. Plok, plok...

Van Terceira zeilen we, nu met Bert en Marjolein, terug naar Sao George. Een mooie dag maar met matige wind zodat de helft van de tijd de motor bij moet. Onze buurman in marina Velas wijst ons op een plek waar je volgens hem mooi kunt snorkelen. Alleen.... je moet dan wel over een muur en 3m hoge rotsblokken klauteren. Rotsblokken die net iets te ver van elkaar liggen met diepe spleten ertussen. En dat met snorkel en vinnen in je hand. Maar als we goed en wel (een enkeling met lichte schrammen) in het frisse water liggen, en ook al gekleurde vissen hebben gezien, komt iemand ons vertellen dat het hier verboden is te zwemmen. Eruit dus maar weer. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. De dames zijn verstanding, doen het rustig aan op handen en voeten en accepteren een handje van omstanders. Maar Bert is even vergeten dat ie geen 18 meer is en springt als een dolgedraaide klipgeit van de ene op de andere rots, waarbij hij z'n evenwicht steeds verder verliest en uiteindelijk net niet te pletter slaat maar als een dronkeman verdwaasd tegen de muur belandt. Tjezus!! "Saskia zou me nu de huid vol gescholden hebben", is het enige wat ie geschrokken uit brengt. Daarna hebben we hem de hele middag en avond niet meer gehoord, en wie Bert kent, weet dat dat heel uitzonderlijk is. We eten in alle rust aan boord, hoewel rust een betrekkelijk begrip is. Na zonsondergang is het een hels lawaai in de marina, veroorzaakt door honderden vogels (Shearwaters) die een slaapplekje zoeken in de steile rotswand.

De mist in op Faial

In de marina van Horta is het een drukte van jewelste en de havenmeester is gestressed. Hij verwacht over een paar dagen een regatta en wil daarom alle jachten langs de marinakade kwijt. Wij kunnen nog wel een plekje krijgen bij het onrustige service-dok langzij een andere boot, maar moeten iedere dag de boot verhalen omdat er altijd wel weer iemand is die wil vertrekken. Niet zo handig als je de hele dag van boord wilt. Het is niet alleen druk met jachten maar ook met geemigreerde Azoreanen uit de USA en Canada en vakantiegangers uit Spanje en Portugal. We huren voor een belachelijke prijs een van de laatste auto's en maken een mooie rondrit over het eiland met als hoogtepunt zwemmen in de lavapoelen bij de nieuwe vulkaan Capelhino. De Caldeira zit helaas weer eens in de mist. Tegen het einde van de middag staat er nog een wandeling langs de walvisfabriek op het programma, met mooie vergezichten over Horta en de zee, waarbij het ons blauw en groen voor de ogen wordt. 's Avonds heerlijke zeebaars gegeten in het restaurant van wereldzeiler Madruga.

De weg kwijt op Pico

We laten de boot achter in Horta en nemen de ferry naar Pico. Het eerste wat we doen als we na enige moeite een auto hebben gescoord, is de weg kwijtraken. Niet 1 keer, niet 2 keer maar eigenlijk de hele tijd. Toch wel bijzonder, want je zou toch denken dat met zo'n markant herkenningspunt als een vulkaan, je altijd weet waar je je bevindt. Het mag de pret niet drukken, want zo krijgen we nog meer van dit prachtige eiland te zien. Ook hier zijn de bermen weer afgezet met hortensias. Het lijkt wel of ze nog hoger en uitbundiger zijn dan op de andere eilanden.
Als we na enige kronkelige omwegen en oponthoud door koeien bij onze bestemming aankomen, vertelt de receptioniste met een stralende glimlach dat de eerstvolgende rondleiding door de Gruta dos Torres volgende week vrijdag is! We vragen waarom we niet bij de middagtour kunnen aansluiten. Helmpjes! Ze hebben niet genoeg helmpjes! We doen het bijna in de broek van het lachen en zoeken maar weer een panaderia op. 's Middags gaat het tourtje verder langs de andere kant van het eiland. Eerst via een spectaculaire kustweg naar Zona de Adegas, een mozaiek van kleine wijngaarden dat tot Unesco Wereld Erfgoed verklaard is. De wijnstokken staan niet rechtop, maar liggen met soms maar 3 of 4 wijnstokken tegelijk op de grond, beschermd door stapeltjes lavastenen. Het ziet er gek uit. Een beetje armoeiig ook wel. Ik zou het niet als wijnranken herkend hebben, en heb ook geen druif gezien. Daarna dwars over de bergen naar het havenstadje Lajes. Het walvismuseum waar we voor kwamen is 's maandags gesloten. Stond wel in de reisgids, maar wie leest dat nou? Als je uit Amerika komt ben je niet meer gewend dat er ook dagen zijn waarop iets gesloten is. Het terras is geopend en de locale witte wijn smaakt voortreffelijk. Goed gezelschap en uitzicht op een haventje met bootjes. Wat wil je nog meer?
We gunnen onze gasten een rustdag op Faial en zeilen dan weer richting Terceira met wederom een korte stop op Sao George. De meisjes gaan zwemmen. Deze keer in de Piscina Natural, lavapoelen met gemakkelijke trapjes en een badmeester die een oogje in het zeil houdt. Bert houdt het wijzelijk voor gezien en helpt Harry met het niets doen. De mannen missen wel wat, want het is hartstikke mooi. Nog spectaculairder zijn de lavapoelen in Boiscuitos, aan de noordkust van Terceira, waar de golven met bruut geweld op de rotsen slaan en de poelen voor onnozelige toeristen als ons, met een rood-wit lint zijn afgezet. Voor de mannen hebben we een aangepast programma: een wandeling naar het fort, het Columbus monument en een bezoek aan de kathedraal van Angra waar een zeer merkwaardige kruisweg met machinegeweren is te zien. En toen waren de 10 vakantiedagen opeens voorbij. Bert en Marjolein, het was weer ouderwets gezellig! Tot gauw in Amsterdam!

 

wordt vervolgd...