Engelse Zuidkust: Mei 2003

In het buitenland
Zodra de wind afzwakt naar 5bft varen we weer samen met de Mermaid uit. Onderweg houden we elk uur contact via de marifoon, om de strategie te bepalen. Tegen de avond raken we ze uit het oog voor de kust van Walcheren. We kabbelen rustig voort met een mooie zonsondergang. De wind neemt verder af naar 8 knots. Dat is flink balen, want het getij begint tegen te lopen. We krijgen weer last van het "Petten-syndroom"als we na twee lange rakken weer langs dezelfde booi komen. Wat een geouwehoer! Het is ook altijd wat met dat zeilen. De volgende boot wordt een visserskotter of zo! Na 30 uur afwisselend geklooi en lekker zeilen, komen we dan in Nieuwpoort aan. Zijn we dan eindelijk in het buitenland! Ik moet toegeven dat Scheveningen leuker was. Het is nog vroeg in het seizoen en de koninklijke jachthaven is uitgestorven. Evenals het centrum: er was nog geen ijsje te krijgen! Na een welverdiende borrel lekker de kooi in en eerst maar eens lekker slapen. Volgende ochtend vroeg vertrokken en via Duinkerken en Calais het nauw van Calais door. Mooi weertje, lekker briesje. Het zit ons deze keer eens mee. We hebben stroom mee en zijn binnen een mum van tijd de shipping lane over. We varen pal west. De ondergaande zon vormt een gouden loper over het water en loods ons richting Dungeness. We besluiten nog een nacht door te varen. Er is weinig wind en de zee is zo vlak als een spiegel. Motor bijgezet. Bij St Catherins point, het zuidpuntje van Isle of Wight krijgen we weer het "Petten-Syndroom": het lijkt wel of we stil liggen! Vooral kapitein Harry heeft er even flink de balen in en voert minstens een uur lang al z'n frustraties op mij los. Alsof ik er wat aan kan doen! Tot overmaat van ramp komt er een dikke vette mist opzetten en zien we uit het water twee onverlichte rotseilanden oprijzen. (tenminste, dat dachten we toen). Dat wordt linke soep. Volgens Harry vaar ik te dicht op de kust, maar ik zit er zeker nog 3 mijl vanaf. Gezichtsbedrog. We beginnen te twijfelen aan alles en nog wat en pakker er voor de zekerheid nog maar eens een detailkaart en de handheld GPS bij. De positie klopt toch echt! De zenuwen beginnen op te spelen en het wordt een vermoeide nacht. Ik ga lekker slapen en als het mijn beurt is om wacht te lopen, lopen we maar liefst 8 knopen en zijn we nog maar 17 mijl van Weymouth verwijderd. Ook weer niet goed, want zo komen we om 4 uur 'snachts in het pikkedonker aan in een onbekende haven. We rollen daarom de fok maar in om de snelheid te verminderen. Nog steeds 5 knopen. Er moet hier flinke stroming staan.

Weymouth


Bij Weymouth is het even flink zoeken naar de haveningang. Het is hier niet zo mooi betond als bij ons in Nederland en de navigatie lichten versmelten met de lichten van de boulevard. En onze kapitein kent Weymouth vooral van de crab-claws en Sea-baars, een culinaire ervaring waar we later wat aan hebben, maar op dit moment volstrekt waardeloos is. Tot overmaat van ramp liggen er overal slecht verlichte vissersboten in de baai. Dit wordt dus niks. Dan maar even stilliggen en de situatie rustig bekijken, zoals goed zeemanschap betaamd. Een waarempel, daar zien we opeens de doorgang.Vijf uur 'sochtends, bij het krieken van de dag, liggen we veilig afgemeerd langzij een prachtig rood zeiljacht. Geen borrel, rechtstreeks de kooi in.De volgende ochtend onderwerpen we het karakteristieke badplaatsje aan een nader onderzoek. De oude haven is een en al bedrijvigheid. Langs de kade liggen vissersschepen en passanten afgemeerd. Wij zijn de enige buitenlanders en hebben meteen aanspraak.

De engelsen zijn super vriendelijk en behulpzaam. Aan de overkant is de Weymouth Sailing Club, waar zo'n honderd kleine zeiljachtjes aan een mooring liggen. Rondom de haven staan prachtige oude huisjes met voor Engeland zo karakteristieke schoorstenen en ruitjes-ramen. En natuurlijk stikt het er van de traditionele pubs, waar we iedere dag een pint (Best Bitter) gaan drinken. Weymouth staat al sinds 1794 bekend als een belangrijke ferry haven en onder het regime van Koning George III is het uitgeroepen tot Engelands eerste officiele badplaats. De hele Engelse zuid kust heeft sinds 2001 de status van World Heritage, en staat daarmee op gelijke voet met de Grand Canyon en het Great Barrier Reef. Misschien moeten we er wel langer blijven. Al hoewel…. Het schijnt dat al dat baden King George III geen goed heeft gedaan, want hij werd gek.

Meeting Mike and Cherry

Maar de echte reden waarom we Weymouth aan doen is om Harry's kennis Mike Besant op te zoeken. We geven Mike sóchtends een belletje en 'savonds zitten we gezellig met z'n vieren te tafelen bij Mallan's, volgens Harry het beste restaurant van heel Engeland. Mike en z'n vrouw Cherry zijn gezellige mensen. Echte bourgondiers. We doen ons dan ook te goed aan heerlijke scallops en sea-baars en uiteraard een goede fles wijn.

Na nog een dagje Weymouth hebben we het wel gezien en vertrekken we richting ons volgende doel: de Scillies. Dit ligt zo'n kleine 200 mijl verder en het was de bedoeling om dit in een ruk te doen. Echter, het leven van een zeiler is afhankelijk van het weer en dat zit ons even niet mee. "Repetition of strong wind warning for Lyme Regis till Lands End, including the Isles of Scillies. A strong south westerly, force 6, locally 7, bearing south, later west. Periods of rain, moderate visibility, poor in rain, fogpatches, seastate: moderate to rough, in the west very rough". Nou, daar kunnen we het weer mee doen. We besluiten om het per dag aan te kijken en varen gewoon iedere dag een stukje verder. De Engelse zuidkust is prachtig. Een grillige kustlijn met steile rotskliffen en daartussen mooie groene glooiende hellingen en bosranden. Er grazen koeien en Harry vraagt zich af of die beesten geen spierpijn krijgen of erger nog, wel eens naar beneden tuimelen.

Fogpatches en gevaarlijke rotsen
Het weer is nog niet zo slecht als ze voorspeld hadden. Het zonnetje schijnt lekker, we hebben stroom me en we varen zo'n 7 knopen, lekker dicht onder de kust om de gevaarlijke stromingen en grondzeeen rond Portland Bill te vermijden. Plotseling komt er dikke vette mist opzetten en we kunnen nog geen 10 meter ver kijken. Naast ons horen we het geloei van de vuurtoren en nog erger, de branding op de rotsen." Geen paniek, gewoon koersje 240 blijven volgen"zegt de kaptein. Snel zet ik de radar aan, maar dat klere ding heeft minimaal 2 minuten nodig om op te warmen en daarna weet je de eerste 5 minuten nog niet goed wat je ziet. Maar omdat we zo'n lekker vaartje hadden, waren we Portland Bill gelukkig al snel voorbij. En op de radar kon ik zien dat er geen andere schepen in de buurt waren. Anderen hadden minder geluk, hoorden we op kanaal 16. Er was een duiker vermist en de kustwacht hielp mee zoeken. We hebben niet meer gehoord hoe het is afgelopen.

King Billy


We doen eerst het plaatsje Brixham aan. Tot groot ongenoegen komen we er midden in de nacht in het pikkedonker aan. Ik heb hier een bloedhekel aan, maar het is gelukkig een makkelijke haven. Bovendien worden we geleid door vuurwerk. Goh, wat een welkom. Zal wel niet voor ons zijn. Om 23.00 lopen we binnen en leggen aan naast een traditioneel houten zeiljacht. De eigenaar hoort ons gestommel en komt nog even helpen. Erg aardig. Of gewoon zelfbehoud? Hij vertelt ons later dat het schip z'n levenswerk is. Helemaal zelf gebouwd.
De volgende morgen ontdekken we dat we midden tussen de Engelse bruine vloot liggen. Prachtige traditionele houten schepen met die typisch smalle engelse konten. De jaarlijkse Heritage Rage is gisteren van start gegaan. Vandaar dat vuurwerk.Brixham is een piepklein plaatsje gebouwd op een heuvel. Rondom de kleine binnenhaven, die bij laag water helemaal droog valt, staan leuke winkeltjes, restaurantjes en natuurlijk pubs.

Vroeger was hier een beroemde werf waar die prachtige zeilschepen gebouwd werden. Een rijtje hoger tegen de heuvel aan, staan van die typische engelse cottages, geschilderd in verschillende mediterrane kleuren.Dit gebied noemen ze ook wel de Engelse riviera vanwege het milde klimaat. Je kunt dat zien aan de tuinen. Prachtige rotstuinen vol bloemen, vooral veel fuchsia's, maar ook kleine palmboompjes en acacia's die in bloei staan. Natuurlijk gaan we 's middags weer een pintje drinken, een goede gewoonte, vinden we. Als de locale dartwedstrijd gewonnen is door de zoon van de kroegbaas, lopen we weer verder. Bij de haven staat een bronzen beeld met een schijtmeeuw op z'n kop. Verrek, het is onze koning Willem III, King Billy voor de Engelsen. In het Nederlands staat geschreven: Engelands vrijheid, door Oranje hersteld. Mooi, daar kunnen we weer trots op zijn. Hier gaan we even lekker in de zon zitten en een visje eten.

Toptekens Reunie in Darthmouth
Onze volgende aanleghaven is Darthmouth. Dit is maar een klein tochtje van nog geen 10 mijl, maar we doen er nog 3 uur over. We zien al snel de 24m hoge kasteeltoren die de oostelijke ingang tot de rivier de Dart markeert en de witte vuurtoren. Deze keer besluiten we niet door te varen tot in de haven, maar pikken we een moorring op. Dat is ook een kunst die we duidelijk nog niet onder de knie hebben. De eerste poging mislukt omdat ik er met m'n touwtje niet bij kan. De tweede keer heb ik de moorring met m'n pikhaak te pakken, maar hoe krijg je nou dat verrekte touw er doorheen? Met z'n tweeen lukt het dan toch. Toch maar eens kijken hoe de locals dat hier doen. Darthmouth ligt aan de monding van de rivier de Dart, die je met hoog water een heel kunt opvaren tot aan Todnes. Aan weerszijden liggen prachtige groene heuvels met karakteristieke engelse landhuizen en kastelen. We maken een flinke wandeltocht en bekijken het kasteel. Oorspronkelijk was dit een van de vele verdedigingswerken langs de zuidkust. Nu is het een museum. Bij de Dartmouth Yachtclub drinken we een biertje en kunnen we voor 1 pond douchen. Engeland is toch wel apart hoor! Het lijkt wel of de tijd hier stilgestaan heeft. De Yachclub is typisch engels, maar wel een beetje vergane glorie. Zelfs de mensen zijn ouderwets gekleed. Een van de leden vertelt ons dat er meer gedronken dan gezeild wordt. Wij vinden het er wel gezellig. In het dorpje is een klein internet cafeetje waar we snel onze email checken. Een paar berichten uit Singapore, waar Sars nu onder controle is, maar Dengy is uitgebroken.
Het schijnt dat we aan een private moorring liggen. Er komt een local naar ons toe, Bob, en nodigt ons dit weekend uit voor feestje met eten en dansen, in een restaurant ergens in het dorp. We hopen dan echter toch wel weer vertrokken te zijn. Na een paar dagen verlaten we de moorring omdat we water moeten tanken. Als we willen aanleggen liggen er nog een paar Nederlandse schepen. "He, ik dacht dat jullie naar Patagonie gingen" roept een man. Het is Staas met z'n catamaran Blue Vision uit Den Oever. Naast hem ligt Berry met de Wamayana, ook uit Den Oever. Zij zijn allebei onderweg naar de Azoren en wachten op dezelfde wind als wij. We kletsen even bij en vertrekken de volgende ochtend samen om 7 uur richting Falmouth.

Een mooie Pinksterdag in Falmouth
Het wordt een lange dag, 70 mijl, 15 uur, maar heerlijk gezeild. We raken Blue Vision en Wamayana al snel kwijt. De eerste twee uren was dobberen en een beetje motorzeilen, maar later trok de wind aan tot 5 bft en liepen we al snel 6.5 knopen. Heerlijk! In dit gebied oefent de engelse Marine en je moet dan ook goed luisteren op kanaal 16 waar de onderzeeers zich bevinden. Je zult er maar een onder je kiel hebben! 's Avonds, net voor het donker werd, liepen we Falmouth binnen en pikten we, in het donker!, zonder problemen weer een mooring op. Dat bevalt ons goed. Je ligt veilig en redelijk rustig en hebt geen last van krabbende ankers of olifanten die over je dek lopen. Het kleine bijbootje en de 2 pk Yamaha bewijst ons goede diensten. Moet je wel benzine hebben Harry, anders wordt het peddelen tegen de wind in! Een eindje verderop lag nog een Nederlandse boot, de Saga, ook een Koopmans. Van hen konden we gelukkig een beetje benzine krijgen om in ieder geval aan de wal te komen. Pim en Hemmie van de Saga komen later die middag nog een glaasje wijn drinken. Zij zijn al 8 maanden onderweg en nu onderweg naar huis. Ze hebben een rondje Atlantic gedaan en zitten vol verhalen die wij natuurlijk gretig opzuigen. Ze vertellen dat het niet altijd meevalt op de lange afstanden. Vooral het varen 'snachts vonden ze erg vermoeiend, maar het is een prachtige ervaring geweest die ze voor geen goud hadden willen missen.
Falmouth is een behoorlijk grote, natuurlijke haven en voor verre afstandzeilers vaak de laatste haven om nog even diesel, water en voorraden in te slaan. Je ziet hier dan ook redelijk grote jachten, uitgerust met zonnepanelen of windmolens, van allerlei nationaliteiten. Er liggen Zweden, Noren, Belgen, Nederlanders, af en toe een Duitser en veel Ieren. Gisteren is hier de Falmouth - Azoren-race van start gegaan. Nou, die hebben dan mooi regenbuien en Zuid-West 6 a 7 tegen.
Aan wal drinken we ons dagelijkse pintje en eten we Fish & Chips. De vis is heerlijk maar de chips zijn niet om te vreten. En dat voor GBP8! Engeland is mooi, maar je kunt er niet te lang blijven, simpelweg omdat je dan zo door je budget heen bent. Ik vind trouwens die ale ook maar lauwe pis en bestel lekker een Grolsch biertje. Afkomst verloochend zich niet. We wandelen naar het Pendennis Castle bovenop de cliff waar je een prachtig uitzicht hebt over de zee. We merken dat we nu al last hebben van slappe benen. Dat belooft nog wat. Falmouth is een heel aardig stadje met veel boekenwinkels en kunstateliers. We kopen benzine en ruilen de lege gasfles in. 's Avonds gaan we op de borrel bij onze buren, Frank en Jil, een engels koppel van mid 50 met een 36 ft Westerly. Zij wonen al ruim 5 jaar aan boord en gaan iedere winter terug naar Londen waar Jil de wintermaanden in het ziekenhuis werkt. Vorig jaar hebben ze een rondje Great Brittain gedaan en nu zijn ze op weg naar Ierland. Ze nemen alle tijd van de wereld. Als we dat nou ook eens konden regelen als we terug zijn van deze reis. Frank en Jil kennen de Scillies goed en we krijgen nog een paar handige tips mee.

Terug naar logbook